Er zijn vandaag geen historische gebeurtenissen.

Fort aan de Buursteeg

Tijdens de Oostenrijkse Successieoorlog (1740-1748) beleefde de Grebbelinie haar eerste periode van aanleg. Slechts een deel van de plannen werd echter uitgevoerd. Zo bleef een ontwerp uit 1743 voor de aanleg van een hoornwerk bij de Buursteeg op de plank liggen. Toen het Oostenrijk van Joseph II rond 1785 een gevaar begon te vormen voor de Republiek, bestudeerde de nieuwe directeur-generaal Carel Diederik du Moulin de ideeën over de Grebbelinie en paste de plannen aan. Voor de Buursteeg was het resultaat een groot aarden fort op de plaats waar de Buursteeg de Slaperdijk kruiste.

Bastions, Lunetten en Redouten

Dit artikel is voor het laatst bijgewerkt op zondag 29 juni 2008 09:21

In 1742/1743 werden de eerste plannen gemaakt om een versterking aan te leggen in de bocht van de Slaperdijk ter hoogte van de Buursteeg(nu Klompersteeg). Het schetsontwerp was bedoeld om een project voor te bereiden dat zou leiden tot 'dekking der sluys genaamt de Juffrouwwijk'. De plannen omvatten een klein hoornwerk en een versterking ter hoogte van De Schalm.

Het duurde tot 1786 tot het fort uiteindelijk aangelegd werd, geheel omgracht en voorzien van bastions, lunetten en vijfhoekige redouten. Deze keer lag het accent op het verdedigen van de oostelijke toegang van de Emminkhuizerberg en de bescherming van de Slaperdijk. Op het terrein stond een gemetseld wachthuis, waarin tevens levensmiddelen werden opgeslagen, mede afkomstig van de boerenwoningen die binnen de wallen waren gesitueerd. In logeerloodsen verbleven achtereenvolgens Nederlandse Carabiniers en Ierse en Engelse Dragonders om de naderende Franse legermacht te weerstaan. Net als elders vluchtten de verdedigers, toen de inundaties tijdens de strenge winter van 1794/'95 bevroren. Een Franse bezetting van het fort volgde.

In 1939 werden er voorbereidingen getroffen in het kader van de mobilisatie. Oostelijk werd een(thans nog aanwezige) anti-tankgracht gegraven en een S-kazemat bestreek de weg, die inmiddels niet meer door het werk liep, maar langs het verdedigingswerk afboog naar Veenendaal. Het werk was voorts nog versterkt met een stuk PAG en een mortier. Tijdens de gevechten om de voorposten bij De Klomp en Renswoude kwamen Nederlandse militairen hier op 12 mei het leven, toen ze in het mijnenveld bij de te beveiligen spoorlijn terecht kwamen.

Tijdens de Duitse bezetting werd het fort gebruikt door de Hollandse SS, dat het werk gebruikte in het kader van de Pantherstellung. Vlak voor de bevrijding van Veenendaal sneuvelden hier nog twee SS'ers en drie leden van de Binnenlandse Strijdkrachten. Op een Duitse bunker op de zuidelijke redoute was de camouflage opmerkelijk; geschilderde raampjes met gordijntjes moesten bij de vijand de indruk wekken, dat men een huis passeerde... Helaas is deze schildering inmiddels bedekt met graffiti. Het noordelijk deel van het fort is momenteel nog in gebruik als camping('De Batterijen'), het zuidelijk deel is gerestaureerd en een gemeentelijk monument. De provincie Utrecht heeft plannen ontwikkeld om in het noordelijk deel een bezoekerscentrum in te richten.